Loes van Weert

365 Mooie Mensen - Loes van Weert

”Durf groots te dromen. Je weet misschien niet alles waar te maken, maar je komt op die manier altijd verder dan als je het niet eens probeert.”

Loes (56) leerde dat het leven je heel veel te bieden heeft, maar dat je daar soms gruwelijk veel voor moet loslaten.

Haar huwelijk ging stuk toen Loes twee kleine kinderen had en rond dezelfde tijd gingen ook haar ouders na een huwelijk van tientallen jaren uit elkaar. Het dreef de familie uit elkaar en even leek het alsof Loes compleet op zichzelf was teruggeworpen. Tussen de puinhopen hervond ze zichzelf en gaandeweg kwam ze steeds dichter bij haar eigen persoon te staan. Tot op het punt dat ze, vandaag de dag, tot tranen toe overvallen kan raken door de enorme rijkdom aan liefde die ze om zich heen weet. 

“Je komt er in het leven alleen door heel dicht bij jezelf te blijven.”

Loes kwam ter wereld als een-na-oudste kind in een gezin dat verder vier jongens telde. Mede daardoor is vrouwengetut nooit echt haar ding geworden en hoewel ze in haar jongere jaren enigszins naïef in het leven stond, had ze zichzelf een assertieve houding aangemeten en rolde ze regelmatig al vechtend over het schoolplein om haar punt te maken.

Voor het eerst echt vrij

Haar toekomst zag ze (desondanks) in de kinderverzorging. Maatschappelijk werk was haar een tikje te soft, dus ze koos voor de nijverheidsopleiding. Haar eerste baan bracht haar van het midden naar het westen van het land. “Ik kwam met 21 jaar van de opleiding af, nog helemaal bleu, en kreeg in eerste instantie werk in de bejaardenzorg. Ik trouwde jong en kreeg op mijn 23ste mijn dochter Astrid en twee jaar later mijn zoon Erik. Ik stopte met werken omdat dit destijds zo ‘hoorde’, maar werd tijdens mijn eerste verlof al helemaal gek van het thuiszitten. Ik vond invalwerk in de thuiszorg en wist hier na de geboorte van Erik mijn vaste baan van te maken.”
De vader van haar kinderen kampte in die tijd met problemen, wat de relatie uiteindelijk tot op het randje dreef. “Toen Erik twee jaar oud was, gingen mijn ouders na 34 jaar huwelijk uit elkaar. Ik heb toen zes maanden met de kinderen bij mijn moeder in huis gewoond.” Daar besefte Loes dat ze haar leven in eigen hand moest nemen. Met Astrid en Erik, die toen 5 en 3 waren, verhuisde ze naar de grote stad. En voor het eerst was ze echt vrij.

Keerpunt

“Ik moest mezelf onder ogen zien. Tot op dat punt van mijn leven had ik nooit een bewuste keuze gemaakt. Ik liet mensen met gemak over mijn grenzen denderen. Weliswaar had ik een sterke intuïtie voor wat ik níet moest doen, maar wat ik wél wilde was me niet duidelijk.” Gaandeweg ontwikkelde zich dit echter en toen ze 30 was, ervoer ze een keerpunt. “Een vriendin zag me destijds lopen met de kinderen aan de hand en ze vond me zo sterk. Ze zei:’Je bent helemaal niet zielig!’ Dat opende mij de ogen.” Makkelijk was het echter niet. Loes kwam in die tijd dichtbij de afgrond. “Het zijn mijn kinderen die me er doorheen hebben gesleept”, zegt ze achteraf. “Hun ritme gaf mij ook een ritme, structuur, houvast. Maar het was evengoed zwaar, want ik had ook ruimte voor mezelf nodig. Dat was wat mijn werk voor mij betekende.  Dat was mijn stukje leven, daar kon ik me in uiten.”

Liefhebben zonder oordelen

Al snel ontmoette ze Kees, met wie ze inmiddels bijna twintig jaar samen is. Het waren roerige tijden, met twee opgroeiende kinderen en een vader en broers die ze door de scheiding van haar ouders jarenlang niet zag. Maar het isolement van weleer kreeg een ander gezicht. “Ik leerde waardevolle dingen van Kees. Dat je, om lief te hebben, ook de lelijkheid moet accepteren en niet zomaar je oordeel moet vellen. En dat je nader tot elkaar kunt komen door sorry te zeggen als je een fout hebt gemaakt.”
En ze leerde nog méér, want toen haar kinderen eenmaal waren uitgevlogen en haar dochter ging studeren, begon het bij Loes ook te kriebelen. Rond haar veertigste startte ze via haar werk een studie VO Management Organisatie & Beleid. Ze kreeg de smaak te pakken en de vrouw die ooit te verstaan had gekregen dat ze nooit verder dan de mavo zou komen, haalde op haar vijftigste ook nog eens een master degree. En toen na 25 jaar in de thuiszorg haar functie op de tocht kwam te staan, zette ze via een aantal tussenstations uiteindelijk ook nog eens de stap naar het zelfstandig ondernemerschap als interim-manager in de zorg.

Niet sjoemelen

Als ze, terugkijkend, één ding geleerd heeft, dan is het dat je er in je leven alleen komt door heel dicht bij jezelf te blijven. “Je kunt niet sjoemelen met jezelf zijn. Als ik sjoemel, word ik onecht en soms zelfs echt ziek. Dan maak ik brokken van binnen en van buiten. En dat maakt me alleen maar onzeker.” Die onzekerheid is haar grootste spook. “Dat ik het niet kan, dat ik door de mand val, dat ik niet genoeg mijn best heb gedaan, dat ik me heb overschreeuwd… Het is mijn valkuil dat ik de oorzaak altijd eerst bij mezelf zoek, ook als ik me irriteer aan een ander. En ik word soms geplaagd door mijn gedrevenheid om mezelf te ontwikkelen, beter te worden; in mijn werk, maar ook als mens. Ik heb een enorme behoefte om het goed te doen, maar hoe meer ik leer, hoe meer ik me realiseer hoe weinig ik eigenlijk weet. De enige weg daaruit is accepteren en loslaten. Zorgen dat ik lol kan maken bij wat ik doe en mezelf toestaan fouten te maken.”

Denken met je buik

Het kostte tijd, maar Loes voelt zich tegenwoordig gezegend met een lieve man naast zich, twee fantastische kinderen, een rijk sociaal leven en familiebanden die zich uiteindelijk weer hebben hersteld. Gevraagd naar het beste levensadvies dat ze kan geven, zegt ze: “Vertrouwen dat het af en toe goed is om los te laten, ook al lijkt het alsof er een grote leegte gaapt. Twijfel je? Denk dan met je buik. Je buik is je thermometer. Daar weet je altijd of het goed zit. En tot slot: durf groots te dromen. Je weet misschien niet alles waar te maken, maar je komt op die manier altijd verder dan als je het niet eens probeert.”

Mooi verhaal? Like 365 Mooie Mensen op Facebook voor meer!